Santigoon futuboi
In de Marroncultuur verwijst de term futuboi letterlijk naar een ‘boodschapper’ of ‘helper’. Gecombineerd met Santigron (vaak uitgesproken als Santgoon), krijgt het een specifieke spirituele en historische betekenis.
De geest van Akalali.
De meest prominente betekenis van “Santgoon futuboi” is gekoppeld aan de profeet Akalali. Hij was een invloedrijke religieuze hervormer onder de Okanisi (Ndyuka) in de jaren ’70. Akalali beweerde bezeten te zijn door de geest van een machtige entiteit genaamd de Santigron Futuboi.
Boodschapper van de Grote God: Deze geest werd gezien als een afgezant of “loopjongen” van een hogere spirituele macht (zoals Tata Ogii of Gaan Gadu). De geest zou Akalali de kracht hebben gegeven om dorpen te zuiveren van kwaadaardige krachten en amuletten te vernietigen.
Lokaal Gezag:
De term wordt ook gelinkt aan de geschiedenis van het dorp Santigron zelf. In de 18e eeuw werd een weggelopen slaaf genaamd Jonas van ‘s-Haagenbosch door de verzetsstrijder Boni meegenomen; hij werd de futuboi (loopjongen) van Boni. Hoewel dit een menselijke helper was, is de rol van futuboi (als vertrouweling en afgezant) diep verankerd in de sociale en spirituele structuur van Marrongemeenschappen.
Samenvattend
Santgoon futuboi” is de spirituele boodschapper die de profeet Akalali leidde bij zijn religieuze revolutie, en symboliseert de verbinding tussen de spirituele wereld en de aardse leiders in dorpen als Santigron.
