Pencak silat

.
← Terug
Table of Contents

Pencak silat

Pencak silat is een van de vechtkunsten die met de komst van de Aziatische contractanten in Suriname terecht kwam. De mogelijkheden van deze kunsten bleven niet onopgemerkt.

Pencak silat deed in Suriname zijn intrede met de komst van Javaanse contractarbeiders, waarvan de eersten Suriname in 1890 bereikten. Tot 1950 werd de krijgssport in het land vooral in het geheim beoefend.

Pencak Silat is de traditionele verdedigingskunst van Indonesië, waarbij monniken en priesters eeuwen geleden technieken ontwikkelden door dierengedrag te bestuderen, zoals de bewegingen van tijgers en slangen. De kunst combineert ‘Pencak’ -beweging, dans, kunst- met ‘Silat’ -bliksemsnelle verdediging- . Het omvat naast fysieke technieken ook een diepe spirituele en mentale ontwikkeling, meditatie en ademhalingsoefeningen, wat zorgt voor innerlijke rust en balans. Het is een complete krijgskunst met wortels in mystieke culturen en kent honderden stijlen.

In 1950 richtte Bapah Soelijo Dipowidjojo de eerste pencak-silat-school van Suriname op, Pamuda Timbol Tjokro Bwana met als betekenis goeroeonderricht in het Indonesische wapen. Hij had pencak silat vanaf zijn tiende in 1927 geleerd van zijn vader en werd geïnspireerd tot het starten van de school doordat Indonesiërs pencak silat in 1942 gebruikten tijdens de Japanse bezetting en tijdens de eropvolgende Onafhankelijkheidsoorlog.

In 1972 volgde de tweede pencak-silat-school, Kilat Buwana van Marca Jamin en in 1975 gaf Noko Jamin ook demonstraties in andere delen van het land, zoals in Albina en Mariënburg, en werden er competities georganiseerd.

In 1985 werd de Surinaamse Pencak Silat Associatie (SPSA) opgericht. De bond is lid van de International Pencak Silat Federation (PERSILAT). Na een scheuring volgde in 2018 de oprichting van de Pencak Silat Federatie Suriname (PSFS). In 1986 volgde de deelname van Surinaamse persilats aan de wereldkampioenschappen (wk) in Oostenrijk. Twee Surinamers kwamen met eremetaal naar huis: R. Kalidjo en R. Tjokrotaroeno, beide met brons. In 2016 werd op de wk in Bali goud behaald op het Seni Festival voor de beste muzikale choreografie en twee keer brons tijdens de wedstrijden.

Niet de Pencak Silat trok in Suriname de aandacht maar wel de lathi khela, een Bengaalse vechtsport die in 1910 ten tijde van de couppoging van Frans Killinger (1875 –1936) in het land werd bedreven. Hij zocht medestanders en politieagent Jatan deed voor hem een groep vechtsporters uit Mariënburg, op wie uiteindelijk nimmer een beroep zou worden gedaan.

  Auteur: Nico Eigenhuis