Gouverneur De Friderici

← Terug

 

De Franse slag

De Surinaamse gouverneur De Friderici was vast niet gelukkig met de ontwikkelingen in Frankrijk rond 1800. Hij zorgde er voor dat de Fransen hun invloed in Suriname niet konden laten gelden door bij de inval van de Engelsen de verdediging van het land niet te serieus te nemen.

Jurriaan François de Friderici (1751-1812) Friderici werd geboren in de Kaapkolonie. In 1762 vertrok de familie De Friderici naar Suriname. In 1768 werd Friderici er vaandrig en in 1772 leidde hij een strafexpeditie naar Fort Boekoe. Hij werd in 1790 benoemd tot commandeur en in 1792 volgde de aanstelling tot gouverneur.

Na de Franse revolutie werd in Frankrijk de slavernij in 1784 afgeschaft, maar het zou in 1802 door Napoleon opnieuw worden ingevoerd. Tegenstanders werden naar Frans Guyana gedeporteerd, waaronder Jean-Charles Pichegru die in 1797 betrokken was bij een mislukte staatsgreep. Pichegru slaagde er echter in om samen met zes anderen in 1798 lopend naar Suriname te vluchten waar de Surinaamse gouverneur Friderici de zeven vluchtelingen de hand boven het hoofd hield en hen liet ontsnappen naar de Verenigde Staten. Pichegru zou in 1803 nogmaals een coup in Frankrijk wagen, maar werd verraden en hierna in zijn cel gewurgd aangetroffen.

Toen de Engelsen in 1799 besloten Suriname binnen te vallen verzette Frederici zich niet echt, hij weigerde het aanbod van hulp van de Franse kapitein Marie Etienne Peltier (1762-1810), die in de haven van Paramaribo lag. Nadat de Engelsen in 1799 Suriname hadden veroverd, handhaafden zij Friderici als gouverneur. Na de Vrede van Amiens in 1802 werd De Friderici geschorst en als gouverneur opgevolgd door Willem Otto Bloys van Treslong.

Door kunstenaar Gerrit Schouten werd een monument voor De Friderici in de Hervormde koepelkerk van Paramaribo gemaakt, die bij de grote brand van 1821 verloren ging. Het model ervan is terug te vinden in het Rijksmuseum.

 

  Auteur: Nico Eigenhuis