Livretten

← Terug

 

Livretten

Na de emancipatie werd in Suriname overgegaan op de inzet van contractanten. Hiernaast werd in een aantal sectoren het zogenaamde livrettenstelsel ingevoerd, een systeem met ‘wurgcontracten’ waarin de arbeids-omstandigheden niet serieus werden genomen. Anton de Kom stelde deze praktijk aan de orde in zijn werk ‘Wij slaven van Suriname’.

 

De eerste sectoren waarop het stelsel van toepassing was waren de goudwinning en de balataindustrie. In 1909 werden namens het gouvernement door van Struycken de Roysancour met de marronleider Osesi van Otterloo een livrettenstelsel afgesproken, met eenzijdige opdrachten tot vervoer naar de gebieden waar goud en balata werden gewonnen.

 

Door Osesi’s opvolger Granman Amakti van Otterloo (1864-1929) werden in 1916 de eerste stakingen in de vervoerssector georganiseerd, waarna hij door gouverneur Staal werd ontboden. Nadat hierna nog meerdere malen stakingen voorkwamen werd Amakti in 1921 uit zijn functie ontheven.

 

In diezelfde periode -van 1916 tot 1920- werkte Anton De Kom als administrateur bij de Balata Compagnie. Hij ging al snel de belangen van de ongeschoolde ‘balata bleeders’ (rubbertappers) bij de directie behartigen, waarmee hij zich de bijnaam ‘papa De Kom’ verwierf. Op 29 juli 1920 nam hij er ontslag.

 

In Wij slaven van Suriname deed De Kom zijn beklag over het livrettenstelsel: “De Balata Compagnie legt den neger haar livret voor, het lijvig wetboek met voorschriften dat door geen volksraad gekeurd, door geen parlement is bekrachtigd, dat in volle machtsvolkomenheid door de directeuren der compagnie samengesteld is, maar welks naleving desondanks door alle organen van den staat, door politie en leger, beschermd wordt.”

 

Een andere sector waarin het livrettenstelsel werd gehanteerd was de winning van bauxiet. In de eerste oorlogsjaren kwam het in deze sector te Moengo tot stakingen. De sancties die volgden zouden leiden tot de vorming van de Moengo Mijnwerkersbond op 1 maart 1942.

 

 

 

  Auteur: Nico Eigenhuis