Burgelijke stand en de registratie van Marrons

.
← Terug
Table of Contents

In Suriname is men formeel begonnen met de registratie van Marrons in het jaar 1921.
Hier zijn de belangrijkste details over deze registratie.

Introductie Burgerlijke Stand:

Hoewel de Burgerlijke Stand in Suriname al in 1828 werd ingevoerd voor de vrije bevolking in steden als Paramaribo, bleven de Marrons in het binnenland hier lange tijd buiten.
Geleidelijke integratie: Pas in de vroege 20e eeuw (rond 1921) werd de wettelijke basis gelegd om ook de bewoners van het binnenland, waaronder de Marrons, systematisch op te nemen in de officiële registers van de Burgerlijke Stand.

Historische verdragen:

Vóór deze officiële burgerlijke registratie werden Marrons al wel collectief genoemd in de vredesverdragen van de jaren 1760 (zoals het verdrag met de Ndyuka in 1760 en de Saramaccaners in 1762), maar dit betrof geen individuele persoonsregistratie zoals we die nu kennen.

Toen de Marrons in Suriname vanaf de Volkstelling van 1921 officieel werden geregistreerd in de Burgerlijke Stand, moesten zij voor het eerst een vaste familienaam opgeven. Voor die tijd gebruikten zij in hun eigen gemeenschappen voornamelijk namen gebaseerd op afkomst of familiebanden, maar voor de koloniale overheid waren deze niet officieel geregistreerd.

De familienamen die zij in 1921 aannamen, kwamen op verschillende manieren tot stand:
Bestaande roepnamen: Veel namen werden afgeleid van de roepnaam van een (stam)vader of een gerespecteerd familielid.

Geografische locaties: Namen werden soms gekozen op basis van de regio, het dorp of de rivier waar de familie woonde.

Vrije keuze en inventiviteit:

Veel Marrons kozen zelf een naam die hen aansprak. Dit resulteerde in een grote variëteit aan namen, variërend van Nederlandse woorden tot namen met een Afrikaanse klank of betekenis.
Toewijzing door ambtenaren: In gevallen waarin mensen zelf geen naam konden of wilden kiezen, hielpen registrerende ambtenaren soms bij het bedenken van een naam, vergelijkbaar met hoe dit eerder bij de emancipatie van slaafgemaakten in 1863 was gebeurd.

In tegenstelling tot de slaafgemaakten op de plantages (die in 1863 bij de afschaffing van de slavernij namen kregen toegewezen van de eigenaren), hadden Marrons in 1921 meer autonomie bij het kiezen van hun eigen achternamen omdat zij al generaties lang in vrijheid leefden.

Bron Pikinsanti Academie