Google
 
Web Suriname.NU
U kunt nu ook alleen binnen  ANDA Suriname  zoeken
      ·       Suriname Gastenboek       ·       Geef u hier op voor SuriMagazine   
   





   
ONDERDELEN
Afro-Surinamers
 suriname.nu  Hindoestanen  1
 suriname.nu  Hindoestanen  2
 suriname.nu  Hindoestanen  3
 suriname.nu  Hindoestanen  4
 suriname.nu  Hindoestanen  5

Onderwerpen
Bevolking
 suriname.nu  Afro-Surinamers
 suriname.nu  Hindostanen
 suriname.nu  Javanen
 suriname.nu  Chinezen
 suriname.nu  Indianen
 suriname.nu  Boeren
 suriname.nu  Libanezen
 suriname.nu  Joden

AFDELINGEN
   Algemeen
  De Douane
   Telefoonboek
   Bevolking
   Distrikten
   Reis info
   Cultureel erfgoed
   Geschiedenis
   Foto's
   Natuur
   Personen
   Koken / recepten
   Vragen over NIBA
   Wat is ANDA

     
SURINAME  AFDELINGEN - suriname.nu Bevolking - - Hindoestanen

 suriname . NU terug
 

Bevolking Suriname.    

   De Hindostanen. (Hindoestanen)


DE PERIODE NA 1940.

Het tijdvak 1940-1945 bracht voor Suriname belangrijke veranderingen. Door de intensivering van de bauxietexploitatie, de behoefte aan betere wegen, de aanleg van legerbases voor de tijdelijke Amerikaanse bezetting ontstond in en om de stad een grote vraag naar arbeiders. Het loonpeil steeg tot een voor Suriname ongekende hoogte, waardoor vele Hindostanen naar Paramaribo trokken.

Ook de mobilisering van de zgn. schutterij bracht Hindostaanse jongens uit de districten in aanraking met het leven in de stad, waar zij de invloed ondergingen van de Europees Afro-Surinaamse samenleving. In de districten profiteerde vooral de Hindostaanse bevolkingsgroep van de sterke prijsstijgingen van de voedingsgewassen. Het in die periode vergaarde kapitaal vormde de basis voor de latere economische en sociale emancipatie.

Als gevolg van een in het vooruitzicht gestelde wijziging van de staatkundige positie van het land in 1945 gingen ook vooraanstaande Hindostanen tot politieke partijvorming over. In 1946 vormde het Statenlid A. Karamat Ali de Moeslim Partij, bedoeld voor zowel Hindostanen als Javanen. Een jaar later kwam de Hindoe Partij Suriname, onder voorzitterschap van J. P. Kaulesar Sukul, tot stand, gevolgd door de Hindostaans-Javaanse Politieke Partij van de advocaat J. Lachmon. In 1949 kwam het tot een fusie, waarbij alle Hindostaanse leden zich verenigden in ťťn politieke organisatie, de Verenigde Hindostaanse Partij (VHP), thans Vooruitstrevende Hervormings Partij.

Na de oorlog werd de economische ontwikkeling van het land krachtig bevorderd. In de districten werd het landbouwareaal uitgebreid, waarvan vooral de Hindostaanse landbouwer heeft geprofiteerd. De economische ontwikkeling verruimde niet alleen de werkgelegenheid, maar bracht op vele terreinen van het maatschappelijk leven veranderingen met zich mee. Door de betere communicatie tussen stad en districten deden moderne westerse invloeden zich in sterke mate gelden. De isolatie van de districten - bij uitstek het woongebied van Hindostanen en Javanen werd doorbroken.

Vele Hindostanen begrepen dat door het zich wijzigende toekomstperspectief van het land kansen werden geboden die alleen voor de intellectueel geschoolde grijpbaar waren. De ambitie verplaatste zich in toenemende mate naar de handel, functies bij de overheid en de vrije beroepen. Samengaand hiermee deed zich een snelle stijging voor van het aantal Hindostaanse leerlingen Op Mulo en AMS, terwijl Hindostaanse ouders ertoe overgingen hun kinderen voor voortgezette studie naar Nederland te sturen.

Er deden zich bij het sociale en culturele integratieproces in deze periode ook tegenkrachten voor. Met de staatkundige zelfstandigheid van het land nam de betekenis van de Europese bovengroep af, zowel in politiek als in sociaal-cultureel opzicht. Naast de opkomst van een cultureel nationalisme onder de Afro-Surinamers werd, mede als tegenreactie, maar ook geÔnspireerd door de politieke zelfstandigheid en het prestige van het oude moederland India, een herwaardering van de eigen culturele erfenis onder de Hindostanen gestimuleerd. In de politieke partijvorming kreeg bovendien de etnische groep een nieuwe zelfstandige gestalte.

Door een coalitie met Afro-Surinaamse politieke partijen in de periode 1953-1973 werd de VHP direct betrokken bij het landsbestuur en maakten jonge Hindostaanse intellectuelen deel uit van de regering. De groeiende betekenis van de Hindostaanse bevolkingsgroep weerspiegelde zich ook in de getalsverhoudingen binnen de Surinaamse samenleving . Met de onafhankelijkheid van Suriname in november 1975 is ook in de geschiedenis van de Hindostaanse bevolkingsgroep een nieuwe fase aangebroken.

SOCIAAL-ECONOMISCHE ONTWIKKELING.

Met de aanvoer van Hindostaanse contractarbeiders uit Brits-IndiŽ begon een van de meest belangrijke immigraties voor Suriname: de hierboven vermelde verscheping van 34304 contractanten vormt hiervan een illustratie. De repatriŽring vanuit Suriname van 11512 arbeiders in de periode 1887-1926 betekent dat ca. tweederde deel van het totaal aantal aangevoerde contractanten in Suriname is gebleven.

In korte tijd werden zij onontbeerlijk voor de plantagelandbouw en was er de overheid veel aan gelegen hen ook na expiratie van het arbeidscontract aan de landbouw te binden. Door de Verordening van 19 april 1895 werd voor de immigranten de mogelijkheid geschapen op zogenaamde gouvernements vestigingsplaatsen, waar ingepolderd en op lozing gebracht terrein ter beschikking stond, percelen variŽrende van 1 tot 2 ha te bewerken tegen een geringe huur. Bovendien kon de immigrant opteren voor domeinland buiten de vestigingsplaatsen, waarbij de inpoldering van het terrein door hem zelf moest worden verzorgd. Na twee jaar geregelde bebouwing kon eigendomsrecht worden verleend.

Vooral de vestigingsplaatsen waren bedoeld om een landarbeidersstand, die ter beschikking zou staan van de grootlandbouw, te binden. Toen omstreeks 1900 de beruchte krullotenziekte in de cacaoplant uitbrak en ook de koffie ziekteverschijnselen vertoonde, liep de belangstelling voor de vestigingsplaatsen terug. Na 1907 steeg daarentegen de vraag naar domeingronden en werd door Hindostanen ook in toenemende mate grond van particulieren gekocht.

Het streven van de Hindostanen naar landbezit -in het moederland vormde grondbezit een belangrijke maatstaf voor macht en prestige- leidde ertoe dat de betekenis van de plantagelandbouw in toenemende mate door de kleinlandbouw werd verdrongen. Was in 1900 nog ca. 90% van de agrarische produktie van de plantages afkomstig, in 1920 was het aandeel van de kleinlandbouw reeds tot 71% gestegen. Dank zij de Hindostaanse bevolkingsgroep is de kleinlandbouw in Suriname de belangrijkste organisatievorm van de agrarische produktie geworden.

Bovendien hebben de Hindostanen, in navolging van hun landgenoten in Brits-Guyana, zich toegelegd op de verbouw van rijst, waardoor het Surinaamse gouvernement in steeds mindere mate gedwongen was tot import. De produktie liep van 566 ton in 1903 op tot 7471 ton in 1916 en bereikte met name tijdens de Eerste Wereldoorlog een hoogtepunt. Het lage bestaansniveau waaraan de groep in het moederland gewend was, samengaand met een sterke spaarzin, leidde tot kapitaalaccumulatie, waarbij de belegging zich voornamelijk op land en huizen richtte.

Ook na de Tweede Wereldoorlog, toen de Surinaamse regering een uitbreidings- en intensiveringsprogramma, gericht op de verhoging van de Surinaamse landbouwproduktie, realiseerde, heeft vooral de Hindostaanse bevolkingsgroep daarvan geprofiteerd. Behalve de landbouw trokken ook de kleinhandel en het ambacht de immigrant.

Kleermakers, goud- en zilversmeden, kolenbranders, mandemakers en venters van Hindostaanse afkomst trof men niet alleen in de districten, maar ook in toenemende mate in de stad aan. In en om Paramaribo werden de veeteelt en de verbouw van groenten ter hand genomen en ook in deze sector wist de groep in korte tijd een monopoliepositie te bezetten. Een zelfde ontwikkeling deed zich voor met betrekking tot het transport. Thans is het merendeel van de transport- en verkeersbedrijven in Hindostaanse handen.

Het onderwijs had aanvankelijk niet de belangstelling van de Hindostaan. Wel werd in 1878 de leerplicht ook uitgebreid tot de immigrantenbevolking, maar de verplichte arbeid van 10-15-jarigen en geringe interesse voor onderwijs maakten dat daar weinig van werd geprofiteerd. In 1890 werden op enkele plantages de zgn. koeliescholen ingericht, waar aan de Hindostaanse kinderen in hun landstaal onderwijs werd gegeven. In 1907 werd deze instelling vervangen door het instituut van de ongegradueerde Hindostaanse onderwijzers, die op de gewone lagere scholen in het Hindi les gaven als voorbereiding op of naast het onderwijs in het Nederlands. In 1929 werd ook dit systeem afgeschaft. Eerst na 1920, toen het aantal districtsscholen aanmerkelijk werd uitgebreid, werd de belangstelling voor het onderwijs groter.

Tussen de jaren 1920 en 1940 bezocht een toenemend aantal Hindostaanse kinderen, na de lagere school, de MULO-scholen en de opleiding voor onderwijzer. Daarmee had de drang naar studie en de intellectuele beroepen zijn intrede gedaan. Ook op de Geneeskundige School en de Surinaamse Rechtsschool groeidehet aantal Hindostaanse studenten, met name na de Tweede Wereldoorlog. Deze intellectuele emancipatie leidde tot een verschuiving van de ambities naar de overheidsfuncties en de vrije beroepen. In 1961 bedroeg het aantal Hindostaanse onderwijskrachten voor de GLO, ULO, MULO en AMS te samen reeds 360 en hadden talrijke Hindostaanse artsen en juristen een positie in de Surinaamse samenleving verworven. Inmiddels groeide ook de belangstelling voor universitair onderwijs in het buitenland, met name in Nederland. Vooral in de jaren zestig is het aantal Hindostaanse jongeren dat in Nederland een voortgezette beroepsopleiding of studie volgde, sterk toegenomen.

Dit verschijnsel is indicatief voor de mate waarin de groep zich heeft geconformeerd aan een aspiratieniveau dat kenmerkend is voor de Europees Afro-Surinaamse groepen in de Surinaamse samenleving. Niettemin doen zich nog steeds belangrijke verschillen in de beroepsstructuur voor.





suriname . NU  naar boven



Ontwerp © Webteam ANDA Suriname - Afdeling Nederland - Telefoon   06 1998 7075
Last update:






   ††